Lifestyle, Reizen, Uitgelicht

Duurzame vakantie: Kruibeke (deel 4)

Bij een duurzame levensstijl hoort natuurlijk ook een duurzame vakantie. Dat je daar niet per se ver voor hoeft te reizen, bewijst Cedric in zijn nieuwe blog- en videoreeks. Hier deel 4 van de eerste duurzame bestemming, het Vlaamse Kruibeke.


“Natuur kun je niet beheersen, maar in het beste geval beheren.”

Om een nog beter beeld te krijgen van de duurzame toeristische kenmerken van de polders van Kruibeke, sprak ik met de burgemeester van Kruibeke: Jos Stassen, Groen (een politieke partij in België, red.). Hij bekleedt pas sinds januari 2013 deze functie, maar heeft grootse plannen met het gebied. Ik sprak met Stassen over deze plannen en vooral over zijn duurzame doelstellingen, die Kruibeke een aantrekkelijke, duurzame en toeristische polder gaan maken.

Welke functie hadden de polders van Kruibeke voordat het een duurzaam toeristisch gebied werd?

‘‘De polders zijn altijd gebruikt voor landbouw, omdat de bewoners van Kruibeke een goede manier hadden gevonden om met de Schelde om te gaan. De polders overstroomden bijna nooit, waardoor het mogelijk was om de polders te gebruiken om bijvoorbeeld turf te steken en van twijgen manden te vlechten, maar ook ter ontspanning en afvoer van regenwater. Toen Antwerpen groter werd doordat er steeds meer industrie en inwoners kwamen, moesten de polders van de overheid uit veiligheidsoverwegingen een overstromingsgebied worden. De inwoners van Kruibeke waren hier natuurlijk helemaal niet blij mee, zij hechtten veel waarde aan het gebruik van de polders. Het is tot een behoorlijke aanvaring gekomen tussen de bewoners en de overheid en het heeft jaren geduurd voordat er een overeenkomst is gesloten. Gelukkig.’’

 

U bent het als burgemeester dus eens met deze bestemming. Hoe ging dat met uw voorganger?

‘‘Hij koos de kant van de meeste inwoners en zag het als zijn taak om de polders van Kruibeke te beschermen tegen de plannen van de overheid. Maar ik heb altijd gezegd dat je het Schelde-water niet zomaar kunt tegenhouden en dat Kruibeke de enige geschikte plaats tussen Gent en Antwerpen is om water te bufferen. Daarnaast was ik altijd al van mening dat een combinatie van overstromingsgebied en  atuurgebied goed te verdedigen is. De andere argumenten begrijp ik ook heel goed, maar ik denk dat als het overstromingsgebied er tóch moet komen, we het beter kunnen accepteren en het heft in eigen handen moeten nemen.


En hoe is het vanaf toen in z’n werk gegaan?

“Na de overstromingen in ’93 schrok iedereen wakker en moest er van alles gebeuren. Ik denk dat je de natuur niet kunt beheersen, maar hooguit kunt beheren. En dat is waar we nu hard aan werken. Destijds wilde de overheid gewoon een overstromingsgebied, maar ik wilde het ook een groene invulling geven. De Schelde is de enige rivier in Europa die een diepe inlandse getijdewerking heeft. Daar moeten we gebruik van maken, vind ik. Het wordt nu een overstromingsgebied dat af en toe wordt gebruikt, maar het is op de eerste plaats een uniek ecologisch gebied waar mensen van ver op af zullen komen.

 

Wat zijn uw doelstellingen voor de komende jaren op het gebied van toerisme?

“De polders zijn een echte troef. Toen ik burgemeester werd heb ik meteen laten weten dat de polders erg veel voor de gemeente gaan betekenen, op ecologisch, maar ook op toeristisch gebied. Vanuit grote omringende steden als Antwerpen en Gent komen veel mensen bij ons recreatie zoeken. En niet alleen de polders, maar ook onze culturele bezienswaardigheden trekken toeristen. We werken nu hard om die cultuurhistorische en ecologische waarden aan elkaar te koppelen en daarnaast kunnen we ook gebruikmaken van de schoonheid van de Schelde. Tot voor kort had die rivier een slechte naam door de vervuiling en overstromingen. Toch is er een verzoening met de Schelde gaande. Mensen willen langs deze rivier wonen en ze stimuleert zoals bij ons de natuur enorm. De Schelde bij Antwerpen is vooral bekend door de haven, bij Kruibeke denken mensen meer aan de polder en de mooie dorpjes die er langs liggen.”

 

Wat doen jullie er op dit moment aan om deze plannen aan de man te brengen?

“We zijn samen met inwoners en projectontwikkelaars bezig om voor elke soort toerist aanbod te hebben. Wandelaars, fietsers, dagjesmensen en mensen die langer willen verblijven zullen in de toekomst allemaal in Kruibeke terechtkunnen. We zien dat steeds meer inwoners initiatief gaan nemen. Zo is er een ondernemer die een soort karretjes heeft ontworpen waar je met z’n vieren in moet fietsen. Je kunt dan in die wagentjes met een groep en een gids door de polder. Daarnaast beginnen steeds meer mensen weer een horecaonderneming. Je merkt dat de inwoners ook positief zijn ingesteld, nu we als bestuur niet meer naar de polders kijken alsof het een miserie is, maar juist een waardevol gebied. Wij hebben hier geen industrie, maar de polder is onze industrie. Mensen willen ook bijdragen aan deze mooie groei en ik verwacht er heel veel van.”

 

Wanneer verwacht u dat Kruibeke er helemaal klaar voor is?

“Er zijn nu al veel toeristen die in het weekend langskomen en mensen die afspraken maken met gidsen om het gebied in te gaan. De officiële opening is nog niet geweest en dat zal ook nog een jaar duren. Maar in de tussentijd gaan er al allerlei projecten van start, zodat toeristen nu al kunnen genieten van Kruibeke. We zullen ons in eerste instantie nog richten op dagjesmensen, maar er komen langzamerhand ook steeds meer bed & breakfasts. De switch van het negatief naar positief denken heeft nog helemaal niet lang geleden plaatsgevonden, dus mensen zijn nog een beetje aan het aftasten met hun plannen. Maar we merken wel dat Bazel door het grote aantal dagjesmensen steeds meer op een klein Brugge begint te lijken. Dat zal door de nieuwe polders zeker alleen maar meer worden.

Cedric maakte ook een videoblog van zijn reis naar Kruibeke. Het vierde deel kun je hier bekijken: