Slim omgaan met energie: 20 bespaartips voor studenten
De geopolitieke realiteit heeft een directe impact op de energieprijzen en dus ook op het leven van de gemiddelde student. De aanhoudende oorlog in Oekraïne en het militaire treffen in Iran hebben geleid tot structureel hoge energieprijzen en een instabiele energiemarkt. Gelukkig kunnen we op steeds meer duurzame energie rekenen, maar de in Europa opgewekte duurzame energie volstaat niet om aan alle vraag te voldoen. Van strategische autonomie is geen sprake en dus zijn we afhankelijk van grijze import. Dit wil zeggen: gas en steenkool. Dus zelfs voor studenten waarbij de energie in de huurprijs van hun kamer inbegrepen zit, is het belangrijk om hun vraag te beperken. Anders gaat de CO2-uitstoot de hoogte in. Vergeet ook niet dat gebouwen volgens het International Energy Agency goed zijn voor ongeveer 30% van het wereldwijde energieverbruik en een aanzienlijk deel van de mondiale CO2-uitstoot.
1. Maak je energieverbruik zichtbaar
Veel studenten hebben nauwelijks zicht op hun energieverbruik. In veel gevallen zit energie inbegrepen in de huur en wordt het contract volledig beheerd door de verhuurder. Daardoor ontbreekt de directe feedback die eigen is aan het kapitalisme: er is geen maandelijkse factuur die het gedrag corrigeert. Wel kun je zelf het een en ander doen om het inzicht te vergroten. Er bestaan bijvoorbeeld slimme stekkers die het verbruik van apparaten meten en apps die het energiegebruik inschatten. Het kan ook eenvoudiger: vergelijk je gedrag even met dat van andere studenten of time eens hoelang je onder de douche staat. Elektriciteit is voor de consument onzichtbaar, maar kan wel tastbaar worden gemaakt. En als je dat doet, ontstaat er automatisch meer bewustzijn en worden kleine besparingsstappen sneller gezet, ook zonder een directe financiële prikkel.
2. Verlaag de thermostaat met één graad
Het verlagen van de thermostaat is een van de meest effectieve maatregelen om energie te besparen. Het verlagen van de temperatuur van je thermostaat met 1°C levert al een besparing van ongeveer 7% op de verwarmingskosten op. Zeker in slecht geïsoleerde studentenwoningen, waar het warmteverlies en -verbruik hoger ligt dan gemiddeld, is dit een goede manier om energie te besparen. Studies tonen aan dat thermische gewenning snel optreedt, dus een graad minder voel je uiteindelijk niet. Besparen op verwarming is bovendien extra efficiënt, want op koude dagen is de druk op het energienet vaak zeer hoog. Dat wil zeggen dat je vooral bespaart op grijze energie.
3. Verwarm alleen ruimtes die je gebruikt
In veel studentenhuizen is er sprake van gedeelde ruimtes. Het is niet ongewoon dat deze ruimtes, zelfs als ze niet worden gebruikt, permanent worden verwarmd. Dit leidt tot aanzienlijke energieverspilling. Door deuren gesloten te houden en radiatoren in ongebruikte ruimtes uit te schakelen, kan het energieverbruik sterk worden gereduceerd. Ook hier bespaar je vooral op grijze energie, waardoor dit een heel goede manier is om de CO2-impact te verlagen. Een aanverwante tip is om temperatuurschommelingen te beperken door ramen en deuren waar mogelijk gesloten te houden, wat meteen ook het comfort in de gebruikte ruimte verhoogt.
4. Trek warmere kleding aan
Thermisch comfort wordt niet uitsluitend bepaald door de omgevingstemperatuur, maar ook door persoonlijke factoren zoals de kleding die je draagt. Kledingisolatie kan de ervaren temperatuur aanzienlijk verhogen zonder dat de verwarming moet worden aangepast. Een wollen trui houdt bijvoorbeeld de lichaamswarmte goed vast en verhoogt het comfortgehalte sterk. Draag ook dikkere sokken en leg vaker een dekentje op je. Je zal merken dat de verwarming vanzelf een graadje lager gaat. Het is in feite vooral belangrijk om je comfortverwachtingen bij te stellen. Het hoeft niet altijd zomers warm te zijn in je kamer.
5. Vermijd sluipgebruik
Veel elektronische apparaten blijven energie verbruiken wanneer ze in stand-by staan. Dit zogenaamde sluipverbruik kan oplopen tot 10% van het totale elektriciteitsverbruik. In studentenkamers vinden we vaak schermen, luidsprekers, laders en laptops die allemaal sluipverbruik hebben. Het probleem is dat dit verbruik vaak heel onzichtbaar blijft, waardoor het ook moeilijk is om het gedrag aan te passen. Schakel apparaten volledig uit of trek ze uit het stopcontact. Je kunt ook werken met stekkerdozen met een schakelaar of met een tijdschakelaar, zodat apparaten automatisch worden uitgeschakeld. Dit is eigenlijk een heel eenvoudige manier om energie te besparen zonder dat je er zelf iets van merkt.
6. Gebruik energiezuinige verlichting
Vroeger hadden we allemaal gloeilampen en dan schakelden we massaal over op de spaarlamp. Vandaag is ledverlichting de standaard. Ledverlichting is aanzienlijk efficiënter dan traditionele gloeilampen en kan tot 80% minder energie verbruiken. Daarnaast hebben ledlampen een langere levensduur, wat bijdraagt aan minder materiaalgebruik en afvalproductie. De meeste studenten hebben gelukkig al dergelijke ledlampen. Als je wel nog een oude spaarlamp of tl-lamp hebt, kan het de moeite lonen om over te schakelen op ledverlichting. Spaarlampen kun je meestal één-op-één vervangen. Bij een tl-lamp dien je meestal een speciale dummystarter te plaatsen op de plaats waar nu de tl-starter zit, maar ook dit is heel eenvoudig zelf te doen. Het is een goede manier om het energieverbruik te verlagen zonder op comfort in te boeten.
7. Beperk het gebruik van elektrische verwarming
Het kan aanlokkelijk lijken om aan je bureau een kleine kachelventilator te plaatsen, maar dit doe je beter niet. Elektrische kachels hebben een rendement van iets minder dan 100% (COP ≈ 1). Dat wil zeggen dat de elektrische energie die in de kachel wordt gestopt, bijna volledig wordt omgezet in warmte-energie. Dat lijkt efficiënt, maar is het niet. Bijvoorbeeld een lucht-luchtwarmtepomp heeft een rendement dat minstens drie keer hoger ligt, omdat het ook energie haalt uit de buitenlucht (COP ≈ 3 tot 5). Als de centrale verwarming is aangesloten op een warmtepomp, is dit dus een veel efficiëntere manier om de ruimte te verwarmen.
8. Douche korter en verbruik minder water
Warm water is een van de grootste energieverbruikers in huishoudens en dit geldt natuurlijk ook voor studentenwoningen. Waterverwarming is volgens sommige onderzoeken verantwoordelijk voor ongeveer 10 tot 15% van het totale huishoudelijke energieverbruik in Europa. Als je dagelijks doucht, kan het verlagen van de doucheduur dan ook een aanzienlijke impact hebben op het energieverbruik. Beperk de douchetijd tot vijf functionele minuten en gebruik een spaardouchekop om het waterverbruik te beperken. Bij gedeelde badkamers is dit ook een kwestie van beleefdheid: je bezet de badkamer niet langer dan nodig en je zorgt ervoor dat er voldoende warmwatervoorraad is voor iedereen.
9. Was op lage temperatuur
Sommige studentengebouwen beschikken ook over een of meerdere wasmachines. Ook deze apparaten verbruiken veel energie. Verzamel eerst voldoende was voordat je hem gebruikt of combineer jouw vuile was met die van andere studenten, zodat jullie de machine goed vullen. Wassen op 30°C in plaats van 60°C kan meer dan de helft aan energie besparen per wasbeurt. Moderne wasmiddelen zijn gewoon ontwikkeld om op lage temperaturen te reinigen en je kleding gaat er ook langer door mee. Dit geldt ook voor ecologische wasmiddelen die nog altijd de voorkeur genieten.
10. Droog je was aan de lucht
Niet alleen de wasmachine vergt veel energie, hetzelfde geldt voor de droger. Drogers behoren tot de grootste energieverbruikers en dat komt omdat ze veel warmte nodig hebben. Door was aan de lucht te drogen, valt de energie die anders voor het drogen nodig is volledig weg. Een klein droogrek kan dus al een groot verschil maken. Zeker als je gebouw een tuintje heeft, is het een goed idee om de was buiten te laten drogen in plaats van de droger te gebruiken. Zorg er wel voor dat dit niet storend is voor andere studenten en maak hier vooraf afspraken over. Een extra voordeel is dat aan de lucht drogen helpt om kleding langer in goede staat te houden. Als je de was binnen laat drogen, is goede ventilatie wel belangrijk. Anders kun je schimmel- en vochtproblemen krijgen.
11. Gebruik een laptop in plaats van een desktop
Een laptop is speciaal ontworpen om energiezuinig te zijn. Dat is logisch, want fabrikanten willen kunnen pronken met een hoge accuduur. Bij een desktopcomputer speelt dat niet mee, waardoor een desktopcomputer meer energie verbruikt. Als je een nieuwe computer nodig hebt, is het dan ook geen slecht idee om te kiezen voor een laptop. Een laptop kan tot wel 70% minder energie verbruiken dan een desktop. Je kunt het energieverbruik van de laptop bovendien verder terugdringen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van slaapstanden en batterijoptimalisatie-instellingen.
12. Kook efficiënt en bewust
Bij het koken wordt er over het algemeen nog veel energie verspild. Het gebruik van een deksel op pannen verkort de kooktijd en vermindert het warmteverlies drastisch. Efficiënt en energiezuinig koken kan volgens sommige onderzoeken tot wel 30% energie besparen. Een andere manier om energie te besparen, is door de kookplaten eerder uit te schakelen en de gerechten nog even te laten nagaren met de restwarmte. Samen koken met andere studenten is eveneens een goede manier om duurzamer te koken, net zoals de keuze voor een eenpansgerecht. Gebruik je ook nog eens duurzame, lokale ingrediënten? Dan doe je het helemaal goed!
13. Gebruik natuurlijke ventilatie op een slimme manier
Ventilatie is essentieel voor een gezond binnenklimaat. Tegelijkertijd kan ventilatie ook leiden tot energieverlies, althans als het inefficiënt gebeurt. Het langdurig openlaten van ramen zorgt er bijvoorbeeld voor dat alle warmte ontsnapt, waardoor je achteraf meer energie nodig hebt om de ruimte opnieuw te verwarmen. Het kort openlaten van de ramen is vaak al voldoende om de ruimte goed te ventileren. Het volstaat bijvoorbeeld om elke dag twee tegenover elkaar liggende ramen tien tot vijftien minuten open te zetten. Zo voorkom je een muffe lucht en schimmelvorming zonder dat alle warmte meteen verloren is gegaan.
14. Vermijd het overmatig opladen van apparaten
Veel studenten laten hun apparaten langer aan de lader bengelen dan nodig is, wat leidt tot inefficiënt energiegebruik. Zeker laptops en smartphones hangen soms bijna permanent aan de lader. Bij oudere apparaten leidt dit niet alleen tot energieverlies, maar het kan er ook voor zorgen dat de accu minder lang meegaat. Het is met andere woorden een goed idee om apparaten los te koppelen zodra ze zijn opgeladen. Het gebruik van een tijdschakelaar kan wat dit betreft ook nuttig zijn. Dergelijke tijdschakelaars zijn zowel in analoge als digitale versies verkrijgbaar en zijn heel eenvoudig in gebruik. Ook een slimme stekker kan veelal als tijdschakelaar worden gebruikt.
15. Deel apparaten met medestudenten
In studentenhuizen is het niet ongewoon dat dezelfde apparaten in meervoud aanwezig zijn. Soms heeft elke kamer bijvoorbeeld een eigen koelkast en vriezer. Het is ook niet ongewoon dat deze slechts voor een klein deel zijn gevuld. Dan is het gewoon logischer om deze apparaten te delen en in gemeenschappelijke ruimtes te plaatsen. Het aantal toestellen en het totale energieverbruik wordt zo drastisch verminderd. Heb je toch een halflege koelkast? Vul deze dan bijvoorbeeld met flessen water. Je hebt dan minder temperatuurschommelingen – het water houdt de kou vast – en je voorkomt dat de koude lucht in de koelkast bij het openen telkens weer wordt vervangen door warme lucht.
16. Vermijd momenten van piekverbruik
Het energieverbruik in Europa kent duidelijke piekmomenten. Deze liggen meestal in de ochtend en de avond, wanneer we massaal thuis zijn en apparaten inschakelen. Tijdens deze momenten is de vraag naar elektriciteit het hoogst, wat leidt tot een grotere inzet van fossiele energiebronnen om de piekvraag te compenseren. Het verspreiden van het energieverbruik kan dan ook leiden tot een efficiënter energiesysteem. Daarom raadt men vaak aan om te investeren in bijvoorbeeld een thuisaccu. Voor studenten is dat minder realistisch, maar het kan wel helpen om energie-intensieve activiteiten te verplaatsen naar andere uren van de dag. Stel de wasmachine bijvoorbeeld zo in dat hij ’s nachts draait of laad apparaten ’s nachts op in combinatie met een tijdschakelaar. Dit helpt om het energienet te ontlasten.
17. Ontdooi de ijskast regelmatig
Een ijskast met ijsvorming verbruikt aanzienlijk meer energie. Zelfs een dunne ijslaag van enkele millimeters dik kan het energieverbruik al met 10 tot 30% verhogen, omdat ijs werkt als isolatie en de warmte-uitwisseling belemmert. Slecht onderhoud van koelingstoestellen leidt dan ook tot structureel hoger energieverbruik. Zeker voor studenten is dit geen onbelangrijke tip, want we zien dat hun ijskasten onvoldoende vaak worden ontdooid en onderhouden. Daarnaast helpt het om de rubberen deurafdichting schoon en intact te houden, zodat er geen warme lucht binnendringt. Stem dit natuurlijk af met andere studenten indien de ijskast wordt gedeeld, zodat er zeker geen voeding verloren gaat.
18. Vermijd onnodige verlichting
Het laten branden van licht in lege ruimtes is een veelvoorkomende vorm van energieverspilling. Hoewel het energieverbruik per lamp relatief klein lijkt, kan het cumulatieve effect aanzienlijk zijn. Door verlichting systematisch uit te schakelen wanneer deze niet nodig is, wordt het energieverbruik verminderd zonder enige impact op het comfort. Zeker bij gedeelde ruimtes komt onnodige verlichting vaak voor. Het gebruik van sensoren kan in dit geval helpen: de verlichting schakelt dan automatisch uit als er niemand in de ruimte aanwezig is. Er bestaan lampen en armaturen met ingebouwde sensoren, dus er zijn geen ingrijpende aanpassingen voor nodig.
19. Laat de vaatwasser alleen draaien als hij volledig vol is
De vaatwasser verbruikt bij elke cyclus ongeveer dezelfde hoeveelheid energie en water, ongeacht hoeveel vaat erin zit. Dat betekent dat een halfvolle vaatwasser (ongeveer) evenveel energie gebruikt als een volledig gevulde. Zeker bij studenten komt het vaak voor dat de vaatwasser slechts halfvol wordt gebruikt, veelal uit gemak of wegens tijdsdruk. Combineer liever de vaat van verschillende studenten en spreek eventueel een beurtrol af voor het vullen en ledigen. Dat is net zo fijn. Over het algemeen is het ook niet nodig om de vaat vooraf met warm water te spoelen. Het verwijderen van grove etensresten volstaat doorgaans. Bij een kleine hoeveelheid vaat is het in ieder geval beter om deze met de hand af te wassen in plaats van de vaatwasser halfleeg te gebruiken. Volgens EnergieAanbieding.nl kan dit een besparing tot wel zestig procent opleveren.
20. Breng isolerende raamfolie aan
Een groot deel van het warmteverlies in een studentenkamer gebeurt via de ramen. Dit is met name het geval bij een oud gebouw met enkel glas. Een eenvoudige en goedkope oplossing is het aanbrengen van isolerende raamfolie. Deze folie zorgt voor een dunne luchtlaag tussen het raam en de kamer, waardoor de warmte minder eenvoudig ontsnapt. Je hoeft minder te verwarmen en je voelt minder kou door het glas naar binnenkomen. Het aanbrengen van isolerende raamfolie is niet moeilijk en het kan in principe ook zonder schade aan het raam weer worden verwijderd. Let wel op: raamfolie is niet geschikt voor elk type glas. Bij hoogrendementsglas kan dit bijvoorbeeld glasschade veroorzaken. Ook bij ramen met speciale coatings (zoals thermisch glas of zonwerend glas) is het gebruik van raamfolie niet aan te raden.
